Posts tonen met het label crealabyoff. Alle posts tonen
Posts tonen met het label crealabyoff. Alle posts tonen

vrijdag 22 maart 2013

Een enge witte vrouw in Dakar - I am one scary Toubab



Hier in Senegal schijnt de zon terwijl in Nederland en elders in Europa de lente maar niet wil beginnen. Op Facebook oppeppende tekstjes zoals ‘ik heb de lentekriebels en heb veel zin om sneeuw te gaan ruimen’ In de 2e Kamer gaf minister Ploumen op 15 maart uitleg over haar handelsmissieagenda. Want ontwikkelingswerk is ‘uit’ en handelsmissies zijn nu ‘in’. En als de handelsmissies onderweg zijn naar China en andere EPA landen waar Nederland geld wil gaan verdienen worden de ontwikkelingswerk items leukweg even meegenomen. In Nederland is de OS kas bijna leeg en op regeringsniveau is men begonnen aan een nieuw VOC tijdperk.


Buiten de NL politiek wordt er ook druk gediscussieerd over de toekomst van het ontwikkelingswerk want ook op dat niveau staan er duizenden banen op de tocht. De Grote Goede Doelen stichtingen houden zich muisstil want geen van hen weet nog hoeveel geld er vanuit de staatsruif over zal blijven om hun OS projecten te financieren. Een frisser geluid liet IDleaks ‘vraag maar raak’ Tabitha Gerrets horen tijdens het MYWORLD EVENT 2013. Tabitha schreef op haar Facebook pagina dat zij met ‘vochtige handen’ op weg was naar het event om haar lezing te houden. Niet zo gek natuurlijk die vochtige handen, want zij werkt bij Aqua for All. Tijdens haar betoog wenst Tabitha een meer optimistische visie op de ontwikkelingssamenwerking en dat doet zij heel goed. Ontwikkelingssamenwerking is immers een werkveld met vele grote en kleine facetten en is veel breder dan de vaak benauwend eenzijdige en negatieve berichtgeving over het bijvoorbeeld (zogenaamd) altijd maar hulpvragende Afrika.

Als magazines zoals Vice Versa en OneWorld maandelijks afwisselend als bijlage bij de grote dagbladen mee zouden kunnen liften dan zou miz de Nederlandse bevolking binnen een jaar een veel positievere visie op de ontwikkelingssamenwerking hebben. Liever zie ik de twee magazines samengaan want dat bespaart meer bomen en dan blijft er weer meer geld over voor andere leuke dingen. In beide magazines wordt overigens opvallend weinig geschreven over het lage ontwikkelingsniveau van Nederland zelf die met o.a. de Bank Schandalen en de Bouw Fraude zoveel economische schade hebben aangericht waardoor de koloniale ‘wiedergutmachungs’ OS pot met 75% wordt verminderd. Er zijn in de laatste maanden onnodig veel werkelozen bij gekomen waarvan een behoorlijk deel met hun kennis en vaardigheden en mét behoud van uikering naar ontwikkelingslanden uitgezonden zouden kunnen worden. Maar dat mag natuurlijk weer niet, want regels zijn regels en daar hebben wij er zo fijn véél van in Nederland. Terwijl men juist in barre tijden creatiever zou moeten zijn. Op het gebied van creatief crisismanagement kan Nederland veel leren in Afrika

Hier in Senegal heb ik mij trouwens nooit 'ontwikkelingswerker' gevoeld en genoemd. Ik voel mij eerder een soort intermediair tussen Europa en West Afrika. Met het accent op het samen brengen van kennis en dan sociaal maatschappelijk verantwoord ondernemen. En het vanuit soms zeer verschillende culturen, stimuleren van gelijkwaardige samenwerking aan een betere toekomst voor de ontvangers én de gevers. Dat zie ik als mijn belangrijkste opgave. Of ik een idealist ben? Ik hoop het van harte! Dagelijks ben ik met veel anderen bezig met het stimuleren van hoger onderwijs en recycle projecten of met het voorbereiden van grote publieksprojecten zoals een nieuw lokaal stadion met multifunctionele functies. Een urbaan ontwikkelingsplan met een nieuwe moderne technische school waar juist die werkeloze ROC leerkrachten geweldig werk zouden kunnen leveren. Dit alles in een prachtig landschap en rond een dorp met 5000 hectaren land waar op maar 600 hectaren  land en tuinbouw wordt bedreven. Wij hebben daar een groene klas met klein internaat voor kids uit Dakar en toen kwamen de vragen uit de bevolking. Voor mij is het  vanzelfsprekend om in te gaan op vragen vanuit de lokale bevolking en samen met hén de projecten op te zetten en er dan eventueel aanvullend ontwikkelingsgeld uit bijvoorbeeld Nederland of elders uit Europa bij te zoeken.

Ontwikkelingsprojecten die zonder goed vooroverleg met de lokale bevolking (dus daar waar het moet gebeuren) door bijvoorbeeld Nederlandse ontwikkelingswerkers op Nederlandse kantoren bedacht worden. Leiden hier in Senegal nauwelijks tot zichtbare, effectieve of meetbare resultaten. Na het bedenken in Nederland worden er vervolgens Nederlandse ontwikkelingswerkers naar een land gestuurd die dan in een ‘veilig huis' in een veilige buurt (duur) worden ondergebracht en een veilige auto krijgen (4x4 Toyota) en een mooi 10x lokaal hoger modaal salaris met pensioenregeling aan de slag gaan vanuit een lokaal maar duur kantoor om met de ‘overheid’ samen te gaan werken. Maar tussen de Afrikaanse overheden en de lokale bevolking zitten vaak onoverbrugbaar grote afstanden. Waardoor het grootste deel van de beschikbare budgetten opgesoupeerd worden door de ontwikkelingswerkers en aan het vaak falende beleid van de overheid. Met die grote ontwikkelingsprojecten zoals bijv. Oxfam Senegal leef ik graag op gespannen voet want ik ben nogal resultaat gericht en als ik dan vage verhalen lees over eigenlijk niet echt bereikte resultaten dan kriebelt het.

De orde van de dag is gewoon kantoorwerk en veel overleg met de lokale bevolking die vaak zeer enthousiast aan de slag gaan als er een goed uitgewerkt en helder plan is gemaakt. Hier in Senegal betekend dat weinig tekst maar veel illustraties en foto’s en een niet al te lange tijdslijn maar vooral werken in stappen. Samen werken met de lokale bevolking is vooral hén het werk laten doen en dan steun geven en bemiddelen bij misverstanden en miscommunicatie. Hierdoor blijft er genoeg tijd over om bezoek te ontvangen. Bezoek zoals Marieke uit Amsterdam die onderweg naar haar ontwikkelingsproject in St. Louis een paar dagen bij ons in huis logeert. Lees hieronder haar impressie in het Engels en geniet van de foto’s die Marieke en de Kids van elkaar hebben gemaakt. Toubab is de benaming voor een ‘blank’ persoon. Marieke vind mijn dakarkids blog berichten nogal aan de lange kant dus vandaar dat ik haar bericht maar mee geplaatst heb. Dan kan ik het kort houden!

I am one scary Toubab

21 maart 2013 - Dakar, Senegal
Before I start to work with the kids in Saint Louis. I am first visiting Dakarkids. This Dutch organization has been a safe place for kids for many years now. I am very impressed by how well the house is organized and the boys are being raised. The kids that are living in this house all have very different backgrounds and ages. Some come from a life from the streets or have no parents. But there are also a lot of kids with a dramatic family background, emotional and physical abuse. The mother of kids such as Sedy and Yahya have contacted William to see if their sons can live in the Dakarkids house. 

There are also two really cute Dakar girls here. Their names are Abby and Aisha, they are 12 years young. They do not sleep here but do come round for a game of checkers or a hot meal. Their moms are divorced and have a tough time so extra care is definitely no luxury. Aisha and Abby love using me as human Barbie, with lots of hairclips they have a blast doing my hair. So I have spent the day walking round like a Swiss Heidi with two braids.

Dutch parents could definitely learn a lesson here at the house. The Dakar boys are raised to be perfect gentlemen and have very good manners. No elbows on the table with dinner, doing the dishes and keeping their rooms tidy. You would think that parenting is easy when you see William at work.  In a playful manner he corrects the kids that are obviously crazy about their papa William, His philosophy is giving them unconditional love and the freedom to develop themselves in to balanced adults.

In the mornings I walk around the neighborhood with William the founder and big boss of the project. He knows everybody here in Yoff and we visit some families were kids (28) are placed in foster care by Dakarkids, former Dakarkids, the local rugby club and a community center. I love taking a peek in al the small houses, meet the people and discover a little what life is like in the capital of Senegal. Some of the little toddlers that I encounter in the sandy streets, burst spontaneously into tears because they are terrified when they see me. Parents sometimes tell them that they will be taking by Toubabs, white people, when they are naughty.  Kind of like Zwarte Piet but then they other way around.



It is only 23 degrees so I haven’t taken a dip in the ocean yet, to cold after Nicaragua. But I did spend some time playing with the kids on the beach. I love how protective the kids are, they take such good care of me. Always making sure that I don’t leave any of my stuff behind, perfect for a ras-chaoot like me. And if a random man comes up to me ask for my phone number ‘because they really want to get to know me’ and there for they keep an eye on me…. If you ever have low self-esteem problems as a woman, come to Senegal. You will be surprised at how popular you are. Tomorrow I am leaving for Saint-Louise and I am very curious to see how the kids are doing, that I haven’t seen for such a long time.


























vrijdag 8 juni 2012

Armoedebestrijding is ook je rotzooi opruimen

Vroeger toen alles nog goed was werd je niet oud, was je vaker ziek en maakte je weinig troep. Kranten en tijdschriften werden niet bezorgd want je kon toch niet lezen. En er was per dorp één verteller die uit één boek voorlas en de rest van de verhalen kwamen met de bezoekers mee. Er was toen gewoon nog heel weinig troep. Er werd gekookt in potten van klei of pannen van staal die opnieuw gesmolten konden worden. Pas vanaf de jaren vijftig kwam er plastic en ander moeilijk op te ruimen afval. Wij zijn sinds enige maanden gaan onderzoeken hoeveel huisvuil een gemiddeld gezin per week in onze wijk produceert. Wij weten hoeveel mensen er wonen. Dus kunnen wij de troep per hoofd van de bevolking redelijk goed uitrekenen. Wij zijn begonnen bij ons zelf en wij produceren gemiddeld 2 volle goed aangestampte vuilniszakken met huisvuil per week. Etensresten hebben wij nauwelijks en het groene afval uit de tuintjes van de jongens laten wij verdorren en mengen het later met paardenmest van de vele paarden die hier nog met karren van alles en nog wat vervoeren. In onze vuilniszakken zit weinig karton. Wel veel plastic water- en schoonmaakmiddel flessen en veel plastic zakken van heel klein tot formaat boodschappentas. En papier waaronder stukken krant die als verpakking werden gebruikt door de winkelier. Papiertjes van de jongens. Kapotte goedkope kleding waar vaak veel plastic fiber in zit. Kapotte sandalen, goedkope schoenen waar ook veel plastic in zit. Niet eens zo oud speelgoed, lege balpennen, kapotte emmers, plastic bezems want goeie zijn niet te krijgen of onbetaalbaar. 

Al met al produceren wij met gemiddeld 15 bewoners circa 5 kilo plastic per maand. Dat is dus 300 gram per persoon per maand. Ons arrondissement wordt inofficieel bewoond door circa 120.000 personen. Dat is dus circa 36.000 kilo plastic per maand. Dan heb je de vele winkeliertjes en de groothandels en alle andere bedrijfjes waaronder de weekmarkt en komen wij na veel gesprekken en observaties op nog eens circa 55.000 kilo plastic of verwante producten zoals de grote hoeveelheid gebruikte computers en TV toestellen en natuurlijk de uiterst moeilijk recyclebare mobiele telefoontjes. Al doorrekenend kwamen wij op 20 miljoen ton vuil per jaar voor heel Dakar. En waar gaat die troep naar toe? Iets meer dan de helft wordt opgehaald en afgevoerd naar grote vuilnisbelten buiten de stad en veelal in diepe kuilen gestort. Wat niet opgehaald word vind je op straat of het wordt in tuinen begraven of in diepe kuilen op het strand. Getver!

Ondanks het feit dat er in Senegal 80% minder huisvuil wordt geproduceerd dan in Nederland is het alhier buitengewoon smerig op straat vanwege het grote gebrek aan ophaal en verwerkingsdiensten. Ondertussen weten wij dat vuil geld waard is. Bijvoorbeeld 60 KW stroom per huisvuilzak. Geselecteerd en gerecycled plastic kan voor meer dan 80% hergebruikt worden. De bandenbergen zijn goed voor een aardige lokale schoenen en deurmatten fabriek. Wij hebben vastgesteld dat Senegal ook vanwege gebrek aan kennis en daadkracht veel geld op straat laat liggen. Wij hebben maar weer eens een gezellig rondje langs de notabelen en bestuurders gemaakt omdat de huidige burgemeester niets mag zeggen en op een dood zijspoor zit. Het African Studies Centre uit Leiden heeft in 2011 over deze 70 wethouders geschreven. En de conversaties waren zoals gebruikelijk weer Youp van ’t Hek achtige gesprekken met een hoog vilein cabaret gehalte. Met veel mannen in prachtige gewaden die riepen dat ‘het volk’ opgevoed moest worden en dat er geen geld was om dat te doen en dat er buitenlandse hulp nodig was. Maar Heren! Het geld ligt op straat! Kijkt  u eens naar onze foto’s en berekeningen. De foto’s die wij maken zijn schokkend, het is immers hun eigen woonomgeving. En zijn zij zelf ook niet ‘het volk’? Ja maar de verantwoordelijke voor de ecologie projecten is al een jaar ziek. Of - , er wordt op het Ministerie aan gewerkt en wij moeten dus afwachten. Nadat wij nog hebben toegevoegd dat er met gemak twee kilometer autoroute of twintig kilometer straat aangelegd kan worden met al het bouwvuil uit de straatjes van alle wijken lieten wij de geschokte en stilgevallen heren licht groen achter met hun zware bestuurlijke werkzaamheden.


Op naar het gemeentehuis wat hier trouwens Hotel de Ville heet en waar de medewerkers mogen slapen voor dat zij weer naar huis gaan. Waar is de verantwoordelijke voor het huisvuil vroegen wij aan de balie. Waarom heeft u die nodig werd er nors gevraagd? Omdat het overal zo smerig is was ons antwoord. Oh die mijnheer die daar over gaat is er vandaag niet. O ja, is hij er morgen dan wél? Nee eigenlijk ook niet! Volgende week - vroegen wij weifelend. Nou nee dan ook niet.... Laatste vraag waarom heeft jullie gemeentelijke website geen enkel telefoonnummer? Bijvoorbeeld voor vragen of klachten. Daar hebben wij geen tijd en geld voor was het antwoord. Sinds kort is er een nieuwe minister voor landelijke schoonmaak zaken. Die is zich nog aan het inwerken werd er gezegd. Zijn voorganger wordt momenteel vastgehouden op verdenking van verduistering of zo iets.

West Afrikanen wonen op het platte land of in de stad en bijna allemaal in groot familieverband. Gemiddeld tussen de tien en vijfentwintig personen en met zeer weinig privacy. In gunstige gevallen zijn er dan een of twee familieleden met een relatief vast inkomen en de resterende familieleden die zouden kunnen werken rommelen er wat bij in de marge van de magere economie. De familiekas wordt nogal eens aangevuld met geld van familieleden die buiten Senegal in een ontwikkeld land wonen en aldus volgens de familie ‘rijk’ (moeten) zijn. Er wordt veel gebeden bij ons in de omgeving omdat wij vlak bij het centrum van een religieuze broederschap wonen. Behalve de gangbare vijf keer per dag zijn er veel grote en kleine religieuze bijeenkomsten. Daarnaast gebeurt het vaak dat gezinsleden met elkaar besluiten om in kleine kring spontaan bid en zing feestjes te houden. Er wordt dan een geluidsinstallatie gehuurd met luidsprekers die op dakranden worden geplaatst de straat wordt min of meer afgezet en op vol volume schalt tot circa 01.00 uur de stem van de voorganger gevolgd door de resterende zangers. Het gebeurt ook een paar keer per jaar op 25 meter van ons huis en het lijkt wel alsof de luidsprekers voor onze ramen zijn gezet. Niemand vraagt aan de buren toestemming. 

Wij zijn dus weer terug bij ‘het volk’ want daar moet je zijn als je iets wilt veranderen. Het jonge volk speelt graag voetbal en andere sporten en enige maanden geleden hebben wij het initiatief genomen om samen met een Nederlandse stedenbouwkundige en haar Senegalese collega’s het lokale stadion grondig op te knapen. Behalve dat renovatie hard nodig is zagen wij het ook als noodzaak om openbaar keihard aan de bel te trekken vanwege de al maar slinkende publieke ruimte door de ongecontroleerde wildgroei aan huizenbouw. Door grondspeculatie is nog circa 8% publieke ruimte over voor een bevolking waarvan 60% onder de 25 jaar oud is. De jeugd heeft immers de toekomst. Of ligt dat soms anders volgens de notabelen en de lokale bestuurders? Zij waren geschokt toen wij hen de geografische kaarten lieten zien die Roos Limburg had gemaakt over de groei van Yoff sinds begin jaren '70. Het is opvallend hoe weinig huizen er daadwerkelijk afgebouwd worden. Behalve veel bouwvuil wordt ook vaak huisvuil in de half afgebouwde panden gekieperd. Gevaarlijk, omdat het ongedierte aantrekt maar ook vaak als speelruimte door kinderen wordt gebruikt die hierdoor vaak ernstige infecties op doen. 


Maar wat heeft onze omgeving aan een mooi nieuw ecologisch stadion als de rest van de omgeving steeds meer vervuild? Wij hebben vooraf gaand aan de verbouwing van het stadion een schoonmaak campagne bedacht die vandaag drie weken oud is en nu al veel reacties op heeft geleverd.  De ‘toon’ van de campagne is afgestemd op de beleving van de jonge en oude bewoners. Confronterende foto’s met weinig teksten in een soort Franse taal wat hier gebruikelijk is. Soms grappig, dan weer ontroerend afgewisseld met soms schokkende beelden. Het is een serie van circa 500 spraakmakende fotokaarten waarin uiteindelijk alle herkenbare punten van het arrondissement te zien zullen zijn. Daarnaast een Facebook pagina die na twee weken al meer dan 600 vrienden heeft en naar verwachting zal uitgroeien tot een actieplatform wat 3 op de 10 bewoners zal bereiken. Wij veranderen onze voetbalclub met de beste spelers van Yoff, naar een club in 100% gesponsorde kleding en schoeisel in strak groen en er wordt gespeeld met groene voetballen. Dat wordt lekker voordelig spelen want zij behoeven geen dure outfits meer te kopen en zij gaan tevens vertellen waarom zij zo groen zijn gaan doen. In het voorjaar van 2013 zal de eerste gratis huis aan huis Yoff Vert groenkrant verspreid gaan worden. En hierbij stuiten wij op een nieuw probleem. Een van de grootste problemen in Senegal is het verzorgen van uitingen met een heldere boodschap zoals goed geschreven brieven en andere gedrukte zaken waaronder rapportages of kwalitatief hoogstaande inzet van media zoals film en TV. Door de gebrekkige opleidingen en outillage van leraren wordt veel potentieel niet bereikt en is de kwaliteit van de uitingen uitgesproken laag en bereikt veelal niet het gewenste doel. Ook de journalistiek staat op een treurig laag inhoudelijk niveau en dat is goed te zien aan de gebrekkige en vaak liefdeloze opmaak van de landelijke kranten en tijdschriften. Er zijn in Senegal geen behoorlijke grafische of audiovisuele opleidingen op middelbaar of hoger niveau. 


Er is echter wel een zeer grote vraag naar goed verzorgde uitingen op het gebied van communicatie zoals drukwerk, websites bouwen en audiovisuele producties. Om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het grote potentieel leergierige en vaak zeer intelligente jongeren hebben wij een Creatief Laboratorium opgezet wat op commerciële basis producties gaat verzorgen én leerlingen op zal leiden die binnen een jaar meer zullen leren dan elders in drie jaar. Geselecteerde docenten die hun vak beheersen en pedagogische vaardigheden worden bijgeschoold en kunnen als ZZP’er in het Lab aan het werk met de verplichting om dagelijks twee leerlingen te begeleiden en goed in te voeren in hun specifieke werkgebied. De ZZP’er docenten komen uitdrukkelijk niet in dienst maar worden wel administratief en inhoudelijk intensief ondersteund waardoor zij zich aan kwaliteits en leveringsafspraken kunnen houden. De kosten van het gebouw en inrichting worden gefinancierd en maandelijks hoofdelijk verrekend. De werkomgeving wordt voor Senegalese begrippen zeer ‘clean’ en niet zomaar toegankelijk voor vriendjes en vriendinnetjes. Docenten/zelfstandig ondernemers die alsnog niet optimaal functioneren voelen dat maandelijks in hun portemonnee maar ook op collegiaal vlak want er zal niets de deur uitgaan voordat iedereen het heeft gezien en beoordeeld. De hierboven geschetste aanpak breekt volledig met de Senegalese traditie van paternalisme en vriendjespolitiek. De lopende gesprekken met de aspirant docenten / ondernemers zijn daardoor zeer intensief en vaak ook emotioneel omdat men in moet zien dat men zélf verantwoordelijk is voor het eigen succes én het succes van de collega's. Een heldere overeenkomst is immers wat anders dan een contract.

De gekozen aanpak voor CreaLabYoff biedt ook (werk)perspectieven voor buitenlandse ontwikkelingswerkers/creatievelingen die op z’n minst een van de in het CreaLab benodigde disciplines volledig in de vingers hebben. Zij kunnen de CreaLab docenten en leerlingen bijstaan en door hun bijdrage hun verblijf bekostigen en tegelijkertijd op een bijzonder intensieve wijze kennis maken met Senegal. Verzoeken om inlichtingen kunnen vergezeld van een CV met foto en eventueel portfolio aan crealabyoff@gmail.com gestuurd worden. Basiskennis van de Franse taal is voldoende omdat wij graag zien dat er Engels wordt gesproken en gelezen vanwege het veel grotere aanbod van software en hardware waarbij kennis van het engels onontbeerlijk is. Introductie trainingen voor buitenlandse deelnemers aan de CreaLab projecten worden voorafgaand verzorgd door het Dakar Development Training CentreNatuurlijk blijven buitenlandse antropologen, pedagogen, psychologen, land en tuinbouw, verplegers/sters, onderwijzers, sportleiders – dus studenten van harte welkom om ons te bezoeken of een stage of training bij ons  te doen. Gewoon even schrijven!

Andere uitdagingen zijn er genoeg! Zoals bijvoorbeeld Saliou van twaalf. Hieronder op de foto met Sara een bestuurslid van een hulporganisatie uit Mbour. Saliou is doof geboren, in een zeer landelijke en arme omgeving op 100 kilometer van Dakar. Nu Saliou in de prepuberteit is gekomen wordt hij onhanteerbaar voor zijn moeder en in zijn woonomgeving. Of Saliou eens door ons bekeken kon worden was de vraag. Aida Grovestins was die middag ook bij ons op bezoek die heeft Saliou ook gezien, volgens ons vond zij hem ook heel lief. Een magere jongen van twaalf opgesloten, in een stille eigen wereld. Met veel voor hem zichtbare maar onuitspreekbare prikkels. Thuis, op straat, in de wijk en overal waar hij komt waar veel te zien en te beleven is creëert hij noodgedwongen een eigen wereld. Een wereld waarin voor Saliou alles stil blijft. Saliou leeft in een beelden wereld die hij zelf een namen heeft gegeven. Een taal die alleen Saliou kent. Je kan Saliou niet roepen. Alle vloeren zijn van steen of zand in Senegal. Stampen met je voet waardoor de trillingen hem bereiken zou wel zo fijn voor hem zijn. Klok kijken zegt hem niets. Hij kent tijdsverschillen, maar door zijn onregelmatige leven en het gebrek aan structuur is Saliou verwilderd. Saliou blijkt buitengewoon intelligent te zijn en vermoedelijk zijn wij net op tijd om hem nog veel overlevingstechnieken en gebarentaal aan te leren. Hij kan bij ons blijven als wij 100 Euro per maand extra kunnen vinden. Saliou is het meer dan waard. Wie wil een gebaar maken of de oom(s) of tante(s) van Saliou worden? Dan doen wij de rest met liefde en plezier!

Op de foto Saliou, twaalf jaar oud













dakarkid Elhadji (17) wil graag een transfer naar FC Yoff Vert