Posts tonen met het label bokoafrica. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bokoafrica. Alle posts tonen

donderdag 2 augustus 2012

Is ontwikkelingsamenwerking domweg burenhulp?

Volgens de encyclo.nl is burenhulp (ik citeer) te beschouwen als een vorm van vrijwillige inzet waarbij het vaak gaat om spontane, kortstondige hulp. Burenhulp richt zich op mensen die in nood zitten, hulp nodig hebben, en daarvoor niet op de spontane inzet van vrienden of familie kunnen rekenen. Tijdens een enorme regenbui over Dakar las ik op de internetversie van Trouw.nl dat Cordaid een van de grootse ontwikkelingsorganisaties in Nederland een ‘sociale onderneming’ gaat worden. Daar schrok ik wel van. Er zit dus een Nederlandse ontwikkelingswerkorganisatie collega in zwaar weer. En wij zitten in buurland Senegal. Niet helemaal naast de deur van Cordaid maar we zijn toch een soort buren. Want waren zij voorheen dan geen sociale onderneming? Welnu Cordaid gaat saneren en dat gaat tussen de 25 en misschien wel 50 arbeidsplaatsen kosten. Er komt wel een sociaal plan voor de mensen die ontslagen gaan worden. Dat komt omdat er nieuwe werknemers in dienst genomen gaan worden ‘met nieuwe kwaliteiten’ volgens directeur René Grotenhuis. Bij Cordaid werken nu 248 mensen. In 2010 waren dat er nog 267. Dat valt te lezen op de Cordaid website op een pagina die ‘Wat verdient de directeur van Cordaid’ heet. Kennelijk rekent René Grotenhuis zich zelf niet bij de groep die af moet vloeien. Hij werkt volgens dezelfde pagina immers als boegbeeld in 37 landen van de Cordaid organisatie en is daardoor gesprekspartner van bisschoppen en ministers over heel de wereld. Zo iemand kan niet gemist worden. Wie er dus wel uit moeten bij Cordaid en wie er plaats moeten maken voor ‘mensen met nieuwe kwaliteiten’ mogen voor deze keer ook een open sollicitatie bij ons komen doen dakarkids@gmail.com.

Wij zijn namelijk reuze nieuwsgierig waarom zij ‘eruit’ moeten en we gaan natuurlijk de openstaande vacatures van Cordaid monitoren want we zijn reuze nieuwsgierig welke ‘nieuwe kwaliteiten’ er nu gevraagd gaan worden bij Cordaid. Wij hebben het vermoeden dat het om een groep van stagiaires zal gaan. Die kosten nauwelijks iets en hebben nog geen werkervaring en toch blijft het nodige personeelsbestand op niveau. Dat is ook sociaal want waar moeten dat nieuwe bloed anders heen om ervaring op te doen. René Grotenhuis heeft wel een soort nieuw aanpak voor ogen. Hij zegt ‘we willen ondernemender en slagvaardiger worden, er komen acht zogeheten business units op gebieden als gezondheid, noodhulp en microkrediet’. Volgens mij zijn dat er drie maar ok we wachten af. Zelf hebben wij al een jaar of acht goede ervaringen met onze business units. Ook tijdens de veelvuldig stroomuitval werkt onze business unit ‘noodhulp’ gewoon door. Als je in nood zit en er is geen stroom dan kan je gewoon op de houten deur van onze unit kloppen en dan doet  een van ons 24 uur per dag de deur open. Wij hebben twee deuren in onze business unit. Een voordeur voor hoger bezoek zoals ministers, bisschoppen en Imams. Onze achterdeur is discreter en jaarlijks weten veel zieke moeders en/of zwervende straatkinderen de achterdeur te vinden.  Alhoewel wij 369.967 donateurs minder dan Cordaid hebben en ook 22.975 vrijwilligers minder hebben dan Cordaid verschillen wij dus weinig van Cordaid. Onze business unit burenhulp is echter het grootst. Wij brengen hulpzoekenden in contact met onze buren of de kleine en grote overheden en als de hulpvraag duidelijk is dan zijn bijna al onze buren bereid om te helpen naar eer en vermogen. Want laten we wel wezen. Een van de grootste problemen bij het ontwikkelingswerk is de voortdurende bevolkingsaanwas. Het is nogal makkelijk om te beweren dat bijvoorbeeld 25 jaar ontwikkelingssamenwerking nauwelijks heeft geholpen als er in die zelfde 25 jaar 1.5 miljard mensen bij zijn gekomen in de doelgebieden. Je zou dan eerder veronderstellen dat het effect van ontwikkelingswerk maar  ook effectieve noodhulp juist een bijdrage levert aan de bevolkingsgroei.

Een mooie reden om dus maar meteen te stoppen met ontwikkelingswerk en noodhulp toch? Cordaid werkt samen met partner Caritas en die hebben weer een afdeling in Senegal. Cordaid en Caritas hebben beiden een katholieke achtergrond. Op de caritas-senegal pagina straalt het katholieke je tegemoet. Niets mis mee hoor moeten ze zelf weten. Senegal is 95% islamitisch georiënteerd maar staat buitengewoon tolerant tegenover andere religieuze stromingen. Dat zou mogelijk wel eens anders kunnen worden als de welvaart in Senegal zou toenemen. Vooral als dit met geld uit Arabische landen zou gebeuren want die eisen nog wel eens dat er pas geld komt als het voor 100% aan alle islamitische doelstellingen voldoet. In andere woorden men moet de Sharia boven de grondwet stellen en leven zoals in de Arabische landen gebruikelijk is. Het is niet verwonderlijk dat landen zoals Koeweit en de Emiraten nauwelijks nog geld schenken aan Senegal. Daar is de bijzondere cultuur van Senegal te sterk voor gebleken. De aanwezigheid van meer dan 35 etnische groeperingen met hun eigen regels en traditionele gebruiken zijn sterker gebleken dan de verleiding van grote sommen geld uit de Arabische landen. Daarbij komt ook nog dat de Senegalese overheid de belangrijkste religieuze stromingen de Mouride en Tidiane rijkelijk van ‘enveloppen’ voorziet. Politiek en religie zijn in Senegal nauwelijks gescheiden. Cordaid partner Caritas kan met haar jaarlijkse 3 miljoen dollar dan ook niet veel betekenen. Wat beiden met elkaar gemeen hebben is zijn de redelijk goed functionerende ‘prikkel & overleg’ platformen ofwel hun afdelingen marketing & communicatie.

Vreemd genoeg lees ik op geen van de Cordaid of Caritas websites iets over Community Based Development ofwel vanuit de (lokale) gemeenschap geïnitieerde ontwikkeling als oplossing voor de problemen in de wereld. De gedachte dat ontwikkeling en verandering van ‘binnenuit’ ofwel de arme gemeenschap laat zijn slachtofferrol varen en wordt positief actief in het ophouden van de eigen broek is onderhand toch wel gemeengoed aan het worden. Daar zouden Cordaid en Caritas een grote rol in kunnen spelen. Zij praten immers toch ook met ministers en bisschoppen en tientallen landen. Dus burenhulp uit bijvoorbeeld Nederland in de vorm hulpgoederen, geld en expertise na dat een lokale gemeenschap een analyse van hun problemen heeft gemaakt en er inzicht is in wat zij allemaal zelf kunnen doen en welke hulp zij eventueel nodig hebben. Als Cordaid zichzelf weet om te turnen naar niet 8 maar 3 business units. Dan zou hun organisatie er als volgt uit kunnen zien. Unit 1 haalt geld en goederen op bij donateurs. Unit 2 blijft politiek druk uitoefenen op wereldleiders, ministers, bisschoppen en Imams. Unit 3 wordt een uitzendbureau van uitstekend voor hun taak opgeleide ‘buurtwerkers’ die lokale bevolkingen helpen met hun ontwikkeling. Dat doen zij minimaal 5 jaar tegen lokaal salaris en zij wonen op lokaal niveau in de buurt waar zij aan het werk gaan. Het liefst in combinatie met een goed werkend internetcafé en hulp bij het schrijven en goed opmaken van brieven en ander campagne materiaal. De Cordaid medewerkers worden als het ware heuse buurtbewoners zonder dat zij geplaagd worden door familieverbanden en oud zeer. E.a. betekent wel dat Cordaid Nederland hooguit uit 45 medewerkers in NL zal bestaan. Dat de functie van René Grotenhuis overbodig wordt en dat de uitgezonden Cordaid medewerkers een minimum aan begeleiding nodig hebben. Ofwel beschikken over de door Grotenhuis genoemde ‘nieuwe kwaliteiten’ die niet uitgehold worden door zorgmanagers of iets van die soort. De nieuwe medewerkers moeten immers in hun buurt laten zien dat zij hetgeen wat zij preken ook zelf moeten kunnen. Zoveel mogelijk hun eigen broek ophouden. 
Ik zie dat het buiten weer even droog is en ga de buurt even in.






Dakarkids kunnen na verblijf in onze Villa in Dakar in Jardin Godaguene een opleiding doen. Er is een eigen Dakarkids onderkomen met begeleiding. De tuin bevind zich op circa 100 kilometer van Dakar. De kids zijn vaak zeer trots op hun zelf verbouwde biologische producten.



Als het in Nederland regent of ook als het mooi weer is dan 
is er in Rotterdam op 21 augustus iets leuks te doen.
Roos Limburg studeert af op een door www.dakarkids.info 
geïnitieerd buurtproject in Yoff/Dakar.

woensdag 18 april 2012

Kort lopende ontwikkelingswerk projecten hebben weinig effect, buitenlandse expertise wel

Terwijl Doutzen Kroes en ons aller Ben Knapen over seks praten ben ik aan ook aan het filosoferen over de toekomst van het ontwikkelingswerk. Terwijl er vandaag al zoveel anders te doen is. Als Dorine van Norren het doet dan kan ik het ook wel een beetje denk ik dan maar. Filosoferen betekend ook goed op de hoogte zijn met het verloop van projecten uit het verleden. In 2007 was er een persbericht te lezen op de website van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het CIDIN had een onder leiding van Lau Schulpen een onderzoek gedaan naar de claim die veel particuliere ontwikkelingshulp projecten zouden leggen dat hun projecten effectiever zouden zijn dan zeg maar de ‘professionele  organisaties’. Uit het onderzoek zou blijken dat deze claim niet waar werd gemaakt. Schulpen sprak toen over circa zes- tot vijftienduizend particuliere projecten en in 2011 werd het aantal op circa tien duizend geraamd.

Hier in Senegal was het rond 2007 een komen en gaan van kleine en wat grotere projecten. Websites en mensen met grote plannen verdwenen meestal na een jaar of twee en de samenwerking met ‘officiële’ regering instanties leek hoopvol maar bleek vaak een lege huls waarbij men ook vaak te maken kregen met ‘regering personen’ die meer aan hun eigen inkomen en hun familie dachten dan aan de doelstelling van het project wat zij zouden ondersteunen. Ik schrijf dit vandaag maar eens heel diplomatiek. De boze rode blos die ik nu heb zal wel door de zon komen. In 2007 hebben wij een vogelvlucht opsomming gemaakt van West Europese projecten aanwezig in Senegal. Dat waren er toen circa 500 waarvan er in 2012 nog circa 100 aanwezig zijn. Dwz er zijn veel websites of blog’s met pagina’s waarvan velen al heel lang niet meer ge-update zijn. In ons eigen arrondissement waren in 2007 circa 25 projecten actief. Vanaf 2008 kwam de klad er al in. In 2012 zijn er nog vier projecten over waarvan wij er een zijn. Vraag is hoe effectief zijn de particuliere projecten als de levensduur zo kort is?

In de vaak nog na rokende project locaties waar geen buitenlander meer is te bekennen praat ik nog wel eens na met de ex-medewerkers of vrijwilligers die weliswaar wisten dat het project (de hulp) tijdelijk zou zijn maar zich toch in de steek gelaten voelden omdat zij weliswaar wat gereedschap hadden gekregen maar onvoldoende materiaal, geld en instructie om het project voort te kunnen zetten. Op mijn vraag of er dan niet een lange termijn plan was gemaakt inclusief financiering en eventueel extra subsidie aanvragen bij wie dan ook wordt veelal ontkenend geantwoord. De werkeloosheid onder de toenmalige project medewerkers is over het algemeen zeer groot. Veelal kreeg maar één van de medewerkers of vrijwilligers een relatie met een buitenlandse stagiaire of project medewerker(ster) en had hierdoor de mazzel om naar het buitenland te kunnen vertrekken. Kleine projecten blijken vaak ideale visvijvers te zijn voor tijdelijke baantjes, hulpgoederen en liefdesrelaties.

Met name Nederlandse projecten schenken en bouwen graag schooltjes of educatie centra. Leuke projecten en nix mis mee. Hiermee nemen zij echter wel de taak van de overheid over. In plaats van het donatiegeld te gebruiken om de overheid onder druk te zetten en bij wijze van spreken te dwingen om de bestaande publieke scholen/centra uit te breiden worden de nieuwe schooltjes aan specifieke bevolkingsgroepen geschonken en worden er dus eigenlijk privé scholen neer gezet waarvan het eigendom onduidelijk is. Maar niets doen is ook onhandig. Niet alleen in Senegal maar ook elders in bijvoorbeeld Afrika heb je twee soort eigendom. Eigendom van de gemeenschap of familie-eigendom. Eigendom van de gemeenschap is van en voor  iedereen en dat geeft vaak verantwoordelijks problemen. Eigendom van de familie betekend dat de eigen familie en dus ook de eigen ‘stam’ voorrang heeft. Dit laatste wordt bijna altijd ontkend maar veelal blijkt toch dat bijvoorbeeld in een schooltje de voorkeur wordt gegeven aan familieleden of aangetrouwde c.q. bevriende collega’s. Wij hebben een sollicitatie procedure die selecteert op kwaliteit en ervaring. Men moet tevens drie referenties opgeven die géén familie zijn dus een neutraal oordeel kunnen geven. Meer dan 90% van de sollicitanten valt hierdoor af. Het schenken van een nieuw schooltje aan de gemeenschap kan alléén echt goed geregeld worden middels een nieuw op te richten stichting met een onbezoldigd bestuur wat geen banden heeft met de leiding en de teamleden van de school. Alles liefst onder toezicht van de gemeente en de onderwijsinspectie. Het gebeurt overigens zelden dat de buitenlandse donoren deze onderhandelingen en juridische aspecten mee-schenken uiteraard inclusief een stappenplan waarin het terugtrekken van de donoren en het verdere verloop van het project goed geregeld wordt. 

Hiermee kom ik op een punt wat veelal over het hoofd wordt gezien. Schenk en bouw geen scholen, kinderhuizen, boerderijen, kwekerijen, waterpompen, medische posten, internetcafé’s enz. als er niet heel duidelijk een vraag uit de gemeenschap is gekomen. En de gemeenschap is groter dan die aardige jongen of leuke vrouw die men tijdens een toeristische trip ontmoet. Neem de tijd om je te oriënteren op de mogelijkheid om iets ‘blijvends’ neer te zetten wat ook na het vertrek van de buitenlanders (jij en de anderen) nog voort kan blijven bestaan. Korte termijn denken en korte termijn hulp zijn zoals een ieder weet vaak funest voor elke ontwikkeling. In mijn volgende blog bijdrage zal ik een test publiceren waar professionele en amateur ontwikkelingswerkers een zelftest kunnen doen om te onderzoeken of zij voldoende uitgerust zijn om bijvoorbeeld in Afrika aan de slag te gaan als hulpverlener c.q. ontwikkelingswerker. Of word het juist tijd voor een nieuwe naam?


Op de foto hieronder een foto van afgelopen zaterdag. Het is een zogenaamde Daara ofwel Koranschool onder leiding van een Oustache ofwel een zelfbenoemde Koranleerkracht. Er slapen 37 kinderen in het hok. De Talibé ofwel leerlingen bedelen circa 12 uur per dag. Hiermee betalen zij hun leerkracht voor zijn goede zorgen. Hun Daara bevind zich op 50 meter van Dakarkids. Onze Kids nemen bijna dagelijks een Talibé mee om onder de douche te zetten en om infecties te laten behandelen. Ook geven zij vaak hun eigen kleding weg aan hen. Vandaag ga ik zelf met de Oustache praten om te vragen wat precies zijn bedoeling is met deze 37 kinderen. Daarna ga ik praten met de notabelen en wijze mannen uit onze gemeenschap praten om te bezien of de kinderen weer terug kunnen naar hun dorp vlakbij het Vaticaan van Senegal Touba. Want zo gaat dat hier. Met blijven praten en aandringen (charmant zeuren op zeikniveau) kom je een heel eind.



een Koranschool in Yoff/Dakar 

op 50 meter afstand van het dakarkidsgebouw




De Talibe zijn meestal onderweg met een leeg tomatensausblik


"Als ik in mijn klamboe lig te dromen"


klik op de doos s.v.p.






dakarkids heeft geld nodig voor een zeer noodzakelijke watertank

Sarkozy heeft het te druk en kleine Lamine wacht op water




de achterzijde van ons centrum 

wat met hulp van de gemeenschap is verkregen 



solidariteit is de basis voor ontwikkelingssamenwerking
binnen dakarkids zijn de kids zeer solidair 
ook als zij naar een dakarkids gastgezin zijn vertrokken



Doetzen Kroes en Ben Knapen bekijken een seksboek

enige NL/Senegal projecten in Senegal







http://maisondelalumiere.org/






Association SENESF een project in Mbour wat ook door Dakarkids wordt gesteund


Saliou de kleine jongen op de foto is doof en komt regelmatig vanuit Mbour naar Dakarkids voor medisch en sociaal advies